Het gevelmozaïek van het voormalige St. Willibrord Ziekenhuis in Tegelen is niet alleen een strakke, plastische schakel in de lokale kerkelijke en zorggeschiedenis, maar ook een belangrijk kunsthistorisch waarnemingstuk. Aan de kant van het publiek functioneert het nog als herinnering en kleurrijke visuele begeleider in dorpseenheid. Deze onderneming, geïnspireerd door de kunstenaar Daan Wildschut, is een uniek exemplaar dat al ruim vijf decennia de bovenzijde van een zorginstitutional gebouw in Tegelen bevatte. Ondanks het feit dat de ruimtelijke context en architectonische omgang met het mozaïek in de verloop van de tijden veranderden, bestaat de kunstwerkenreeks nog steeds als zekerheidssysteem voor de zorgelijke verhistoriserende ambities van het Tegelse bestuurschap of gemeenschap.
Deze publicatie richt zich, uitgaande van beschikbare bronnen en op basis van feiten en objectieve analyses, op de restitutie van het mozaïek, de artistieke vormgeving, de historische context van het ziekenhuismilieu en de culturele betekenis. Uw lezer treedt hierin mede als een bezoeker van de kloof tussen artistiek ambie en geveltechnieken van ruimte en tijd, of als een interessant persoon dat zowel de ambachten als de gemeenschappelijke wens op zoek is.
De artistieke context van het gevelmozaïek
Het gevelmozaïek in Tegelen is onderdeel van de bredere artistieke praktijk en historie van Daan Wildschut, een bekende beeldend kunstenaar die vooral bekend werd om zijn glas-in-loodwerken en mozaïeken in Limburgse kerken^[1]^. Wildschut, die overleed in 1995, verleende religieuze en zorgkundige gebouwen van een iconisch karakter door zijn verbeeldingsevormgeving en kleurrijk gebruik van materialen die ook goed weersbestendig en technisch geschikt waren voor buitenmuren. In 1963 stelde Wildschut een uniek gevelmozaïek neer in Tegelen, dat de buitenkant van het St. Willibrord Ziekenhuis sierde^[3]^. Met afmetingen van 14 meter in breedte en 10 meter in hoogte wordt het beschouwd als een van de grootste gevelbelegde mozaïeken in Nederland^[3]^. Het werk was eind zestig jaar een kernscherpschoonheid in het Tegelse landschap.
Het mozaïek toont een duidelijke religieuze waardencombinatie, verwezen naar de functie van het ziekenhuis en werd samengevoegd binnen de katholieke traditie. Onder andere zijn Christus, Maria, het kindje Jezus en een verzorgende zuster te zien, zoals deze beelden worden vertolkt in de sfeer van geneeskracht, hoop en dienstbaarheid^[3]^. Dit ontwerp kent zijn duidelijke afkomst in de wederopbouwkunstenaarsstijl van na de Tweede Wereldoorlog. De aanpak was geformeerd door een mix van religieus symboliek en moderniteit, een overgangstijd tussen klassiek en contemporair waarin Tegel, zoals zo veel andere gemeenten in Nederland, zich als een zorgvoedende knooppunt bewoog^[3]^.
De uitvoering werd verzorgd door het Tegelse atelier Flos, een gerenommeerd aannemer- en kunstenaarsatelier dat specifieke skills had in het verrijkelijk maken van complexe, detailgerichte kunstwerken^[3]^.
De historische context van het ziekenhuisgebouw
Het St. Willibrord Ziekenhuis in Tegelen ontstond in een brede zorgvoorstel van katholieke afkomst, waarbij de zusters van de Goddelijke Voorzienigheid een centrale rol speelden^[4]^. In 1914 sloeg de burgemeester van Tegelen, Carel van Basten Batenburg, de handtekening onder een plan voor de opbouw van een ziekenhuis. Uiteindelijk, in 1927 en in 1963, werden verschillende uitbreidingen of hele ziekenhuizen geopend^[4]^.
De fusie en omvormeringen deden toen de zorgsector zich in de jaren zeventig tot vijftig ontwikkelde, zagen het St. Willibrord Ziekenhuis haar vorm en functie afwisselend veranderen. Tegenwoordig wordt het voormalige ziekenhuishuis gebruikt als verpleeg- en bejaardenhuis, bekend onder de naam Martinushof. Inmiddels zit het mozaïek, dat nog steeds in verbinding staat met het ziekenhouzenbestand, in een overlevende staat^[3]^ en wordt onderwerp van restitutie. De beoogde restauratie is een maatregel die tevens in de lijn is van behoud en erkenning van cultureel erfgoed in Tegelen.
Aanleiding tot restauratie
Het mozaïek, met zijn grote afmetingen en zachte technieken, moest vroeg of laat onder zware druk van weersinvloeden, ouderdom en onvoldoende onderhoud komen^[1]^. Met name daken, wind en regen lieten effecten zien op de materialisering. Zonder specifieke aanpassingen bleek ook het structurele bouwontwerp van het ziekenhuisgebouw, nu verplaatst als Martinushof, ongeschikt voor het behoud van de gevelbeeld^[3]^.
Voor de restauratieprocedures, die onmiddellijk volgens de gangbare normen en protocollen in de kunstwerkenrestauratie zouden moeten starten, was voorop lichte verwijdering, verplaatsing en opslag in een specifieke voorziening nodig^[1]^. De restauratie was op basis van een cultureel waarderingsverslag uit 2010 van het Nijmeegse bureau Van Meijel adviseurs in cultuurhistorie, bestempeld als te waarnemen te zijn van grote waarde^[3]^, en dus onderwerp van zorgvuldige behandelingsuitvoering.
De rol van lokale initiatieven en stichtingen
Voor zoiets als het behoud van een van de grote meest beeldende schilderingen moest er vorm worden gegeven aan samenwerking en financiering. De oprichting van de Stichting Gevelmozaïek Martinushof (SGMM) in 2011, gestoond door oud-burgemeester Piet Visschers en ondersteund door andere Tegelaars als Ben Aldewereld, Gerard Fokkens en Antoon Smeets, werd een wezenlijk ondersteunende stoffing^[3]^.
De stichting koos bij de benoeming van een bestuur en een doelstelling erop uit dat behoud van het mozaïek niet enkel een artistieke wens was, maar ook een collectief gemeenschappelijk doel dat verder ging dan de persoonlijkheid van Wildschut als katholieke ambachtskunstenaar, of zelfs dan het ziekenhuismilieu. Met een bredere benadering speelde de stichting een wenspartij om de kern van Tegelen te herbenadelen en het gevelmozaïek, bekend als een kroonjuweel, opnieuw centraal te leggen^[2]^. De aanschaf van het boek ‘Steentjes vertellen een verhaal’ zorgde tussen anderen voor externe financiële steun, waarbij kopers ook deelnamen aan het collectieve doel^[2]^.
Techniek en complexiteit van het restauratielandschap
Het restaureren van gevels en grootschalige kunstwerken zoals gevelmozaïeken verlangt van de handwerkkundigheid van vakmensen een diepgaande kennis, in de zin van materialen, technische voeding (bijv. waterdichtheid, bestendigheid, lichtdichtheid) en artistieke waardeverwerking^[1]^.
Materiaalverwerking en -onderhoud is al gecompliceerd omwille van de oppervlakte en geografische ligging. Voor bepaalde mozaïeken is het nodig om de oorsproongele composities (kleur, vorm, steentjesligging) exact en volledig te kopiëren bij de restauratie^[1]^, waarbij ook een zorgvuldige inschatting nodig is om oude composities en nieuwe voegmaterialen aan te passen. In het geval van Tegelen was het verwijderen en verplaatsen eerst een voorwaarde. De verplaatsing vereiste een zorgvuldige planning en uitvoering, inclusief stabilisatie- en ondersteunende technieken, om beschadigingen zoveel mogelijk te voorkomen.
Bestaande en potentiële plekken voor het herplaatsen van het mozaïek
Een van de grote uitdagingen in het restauratieproject is, naast de financiële kanttekening, de vraag: waaraan of waar te herplaatsen? Op korte termijn is er binnen Tegelen geen directe kandidaatlocatie gevonden die optimaal te integreren was met de behoeften van deze kunstwerkeninstallatie^[3]^.
Als het herplaatsen van het mozaïek voorbijkomt, kan het mogelijk een toekomstig park of een maatwerkvisuele element op een straat, een openbare entree of een monumentale gebouwschakel worden^[3]^. Dit brengt ook opnieuw de vragen naar voren over de toekomst van het monument en de functionele invulling van een kunstwerk dat in de architectonische historie van het gebied een belangrijke rol speelde.
Economische en toekomstige verwachtingen
De restauratie en herplaatsingskosten vormen voor een project als dit een belasting op de openbare middelen en financie雔e draagvlakken van gemeenschappen. Een project als de restauratie kan in staat worden van diverse middelen, waaronder gemeentelijke subsidies, particuliere steun en sponsors van cultureel vervoegend belang^[2]^.
Bij de restauratie is het een kwestie van zowel kwaliteitsborging als transparantie over kosten, verwachtingen en logistiek. De stichtingsinitiatieven zoals SGMM, en externe middelen zoals boekverkopen, hebben hiervoor een positief effect.
Cultuurhistorisch en kunstwerkkenmaken
Het gevelmozaïek van Tegelen, in het licht van de beschikbare cultuurhistorische waardering, is vooral geconditioneerd door ruimtelijke, sociokulturele en artistieke patronen^[3]^. Het werk kent de combinatie van visuele symboliek in de religie, visuele invloeden van de klassieke mozaïektraditie in combinatie met de moderne opzetten van een wederopbouwarchitectuur en -beeldhouwkunst. Ook kent het werk een stedenbouwkundige rol, aangevuld door bijzondere geschiedenis van het ziekenhuismilieu, de zusters en het zorgbestel.
Hoewel het werken in beeldende kunst en de beeldende symboliek niet uniek zijn van Tegelen, is het bijzonder omdat het specifiek gericht is op het lokale gebleven, zowel in inwoning als in beeldend materiaal, ook zowel in beeld als in ruimtelijke context.
Cultuurtechnieken en visuele kunstdetails
Het mozaïek is uitgevoerd door een proces van beeldzetting, waarin steentjes op een glas-, keramische of andere grondstoffengrachend zijn op het oppervlak leggebezeel. De techniek is in de middeleeuwen tot modere tijd blijven in gebruik, maar de uitvoering varieert afhankelijk van gebruikte gracht en steentjesmateriaal, kleurcombinaties en bestendigheidseisen. In Tegelen werd gebruikgemaakt van duizenden afzonderlijke stukjes, die elk in hun kleur en vorm het onderliggende beeld bouwden.
Het effectieve gebruik van kleur, bijvoorbeeld, is een kernaspect van het werk. Deze kleuren zijn ondergebracht in een patroonwaarde, waarin symboliek, bijvoorbeeld van de goddelijke voorzienigheid, de zorg en de genezing in herkenbare gedaanten zijn vertolkt. Samen brengen de kleuren en vormen een emotionele verbinding tussen toeschouwer, ziekenhuis en gemeenschap. Het maakt het gevelmozaïek tot een werk dat niet alleen gezien moet worden, maar ook gevoeld.
Conclusie
Het gevelmozaïek van het St. Willibrord Ziekenhuis in Tegelen is een kunstwerk dat historisch, cultureel en functioneel ingetimmerd is in de geschiedenis van Tegelen. Het toont de hand van Daan Wildschut, als beeldend kunstenaar met religieuze en zorggerelateerde ambities, die hij weet te combineren in een visueel sterk meesterwerk. De restauratie, die nu op gang is, belichaamt zowel het wenselijkheid van bewaren van culturele waarde, als ook de noodzaak om ruimtelijke en sociale realiteiten te erkennen. Na de restauratie is de vraag open wat er met het gevelmozaïek zal gebeuren: kan het opnieuw centraal komen in Tegelen, of dient het dan te trouwen met een nieuwe context en locatie? Wat zeker is, is dat het werk zelf, al decennia lang, niet enkel een kleurrijke bezienswaardigheid vormde, maar ook een betekenisvolle herinnering aan zorg, kunst en gemeenschappelijkheid.
Het behoud van gevelmozaïeken als deze in Tegelen en elders in Nederland kan van invloed zijn op toekomstige restauratieprojecten: het toont de mogelijkheden en haalbaarheid van herplaatsing, restauration en kwalitatieve betrokkenheid. Voor eigenaars en specialisten in restauratie is het een voorbeeld van hoe kunst en ruimte met elkaar te verenigen zijn.
